Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

zabben

/ˈzɑbə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. verouderd (verouderd) vochtig zoenen
    Ze zoenen en zabben dat ze er haast in stikten.
  2. verouderd (verouderd) zuigen
    De vissen zabben wat, maar willen niet bijten.

Etymologie

*onomatopee; vergelijk sabje/sobje "sabbelen, likken" en sob "snikken"