zeekoe

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. dierkunde (dierkunde) plantenetend zoogdier uit de orde dat zowel in zoet- als zoutwater leeft

Etymologie

* In de betekenis van ‘zeezoogdier’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1287

Vertalingen

Engelssea cow
Fransvache marine, lamentin
DuitsSeekuh
Spaansmanatí, vaca marina