Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

zelfverzorging

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het zichzelf in orde maken en houden zonder hulp van anderen
    Gasten poetsen wel hun eigen kamer, koken hun eigen potje in de prima uitgeruste keuken en doen de eigen afwas. β€žVerblijf is op basis van zelfverzorging. We verkopen alleen ontbijtjes en ijsjes. En wandel- of fietsroutes.”
    Geen grote wintertruien om jezelf in te verhullen of dikke skisokken om je voeten in te steken. De lente is als een Apk-keuring in zelfverzorging en de tijd dringt (althans voor mij).