zestig
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈsɛstəx/
Wat is de betekenis van zestig?
zestig betekent: "60", het getal tussen negenenvijftig en eenenzestig, zes maal tien
Betekenis
telwoord
- "60", het getal tussen negenenvijftig en eenenzestig, zes maal tien
- om een hoeveelheid aan te geven
- om een leeftijd aan te geven
- om een plaats in een volgorde aan te geven
zelfstandig naamwoord
- dat wat in een (rang)ordening met 60 is aangeduid
- groep van 60 eenheden
Voorbeelden van "zestig" in een zin
- De totale kosten bedragen zestig euro en zevenendertig cent.
- Ik ben vandaag zestig jaar oud geworden.
- Pamela vertelde me dat hij in de zestig was en een kort lontje had.
- Jack was een kale man van in de zestig die 35 jaar geleden zelf de PCT had gelopen.
- Het juiste antwoord op opgave zestig is "42".
Etymologie
*(erfwoord) via Middelnederlands "sestich" van Oudnederlands "sestig", als telwoord voor het eerst aangetroffen in het jaar 1100; afgeleid van "zes"
Vertalingen
Engelssixty
Franssoixante
Duitssechzig
Spaanssesenta
Italiaanssessanta
Portugeessessenta
Russischшестьдесят
Turksaltmış
Poolssześćdziesiąt
Zweedssextio
Deenstres
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek