zoel
zul
Wat is de betekenis van zoel?
zoel betekent: aangenaam warm
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- aangenaam warm
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zoelen
- gebiedende wijs van zoelen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zoelen
Voorbeelden van "zoel" in een zin
- Ik zoel.
- Zoel!
- Zoel je?
Etymologie
In de betekenis van ‘lauw’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1576
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek