zonnig
ˈzɔnəx
Wat is de betekenis van zonnig?
zonnig betekent: zonovergoten, met veel zonneschijn
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- zonovergoten, met veel zonneschijn
- vrolijk, fijn, onbezorgd
- met goede vooruitzichten
Voorbeelden van "zonnig" in een zin
- Het is vandaag erg zonnig.
- Vorige week nog schetsten bestuurders van Centric in een interview met Het Financieel Dagblad (FD) een veel zonniger beeld van het bedrijf.
Etymologie
Afleiding van zon met het achtervoegsel -ig.
Vertalingen
Duitssonnig
Engelssunny
Fransensoleillé
Poolssłoneczna, słoneczne, słoneczny
Spaanssoleado
Turksgüneşli
Zweedssolig
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek