zucht

mannelijk/vrouwelijk (de)/zʏxt/

Wat is de betekenis van zucht?

zucht betekent: (medisch) ziekelijke of overmatige zwelling door opeenhoping van vocht in het menselijk of dierlijk lichaam, waterzucht

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) ziekelijke of overmatige zwelling door opeenhoping van vocht in het menselijk of dierlijk lichaam, waterzucht
  2. ziekelijke onbedwingbare drang, verslaving, begeerte
  3. eerste afscheiding van melk in de borsten van een zwangere vrouw
zelfstandig naamwoord
  1. hoorbare uitademing, meestal als uiting van ongenoegen of verveling
  2. tocht, luchtstroom

Voorbeelden van "zucht" in een zin

  • hij slaakte een diepe zucht
  • 'Pardon?' 'Ik zei dat alle maten goed zijn,' zei de vrouw met een zucht.
  • 'Ik ben in gesprek met iemand van de Guggenheim Foundation, die voor me uitzoekt of er bij hen iets bekend is over Isaac Robles wat enig licht kan werpen op dit schilderij hier ' Lawrie slaakte een diepe zucht.
  • het is benauwd en er is zelfs geen zuchtje wind
  • De achterkamer werd gedomineerd door een monsterlijk, ondateerbaar hemelbed met vier vergulde zuilen in Egyptische stijl waarop een baldakijn rustte van donkerrood fluweel, met geborduurde sterren van gouddraad. Wie zou in staat zijn te bevroeden hoeveel zuchten en gefluisterde geheimen er onder die sterrenstof waren blijven hangen?

Betekenis en uitleg van zucht

Een zucht is een geluid dat je maakt door lucht snel uit je longen te laten ontsnappen, vaak als gevolg van opluchting, vermoeidheid of frustratie. Het is een manier om emoties of gedachten te uiten zonder woorden te gebruiken.

Je gebruikt het woord 'zucht' vaak in situaties waarin je je gevoelens wilt uitdrukken, zoals wanneer je iets vervelends hebt meegemaakt of wanneer je opgelucht bent na een spannende gebeurtenis. Een zucht kan ook een teken van vermoeidheid zijn, bijvoorbeeld na een lange dag werken. De nuance kan variëren van verdrietig of teleurgesteld tot opgelucht of tevreden, afhankelijk van de context.

Voorbeelden

  • Na het lezen van het moeilijke hoofdstuk gaf ze een diepe zucht van frustratie.
  • Toen hij hoorde dat de vergadering was afgelast, zuchtte hij van opluchting.
  • Met een zucht liet hij zich op de bank ploffen, moe van de drukke dag.

Woordoorsprong

Het woord 'zucht' is afgeleid van het Oudnederlands 'sucht', wat 'zuchten' of 'ademen' betekende. Het heeft verwante vormen in andere Germaanse talen.

Veelgestelde vragen over zucht

Wat is de betekenis van zucht?

zucht betekent: (medisch) ziekelijke of overmatige zwelling door opeenhoping van vocht in het menselijk of dierlijk lichaam, waterzucht

Hoeveel betekenissen heeft zucht?

zucht heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft zucht?

zucht is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je zucht in een zin?

Voorbeeld: “hij slaakte een diepe zucht

Etymologie

* In de betekenis van ‘ziekte, ziekelijke neiging’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Uitdrukkingen

  • Een zucht van verlichtingEen uiting van grote opluchting als een probleem is opgelost (meestal gecombineerd met slaken)
  • In een vloek een zuchtBinnen heel korte tijd

Vertalingen

Engelsaddiction, sigh
Fransdésir, soupir
DuitsBegierde, Sucht, Seufzer
Spaansmanía, suspiro