zuiver

ˈzœyvər

Wat is de betekenis van zuiver?

zuiver betekent: onbezoedeld, zonder verontreiniging

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. onbezoedeld, zonder verontreiniging
  2. muziek_in_het_nederlands precies de juiste toonhoogte
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zuiveren
  2. gebiedende wijs van zuiveren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zuiveren

Voorbeelden van "zuiver" in een zin

  • Dit is het zuiverste water dat de natuur ons te bieden heeft.
  • Het was een zuiver instrument.
  • Ik zuiver.
  • Zuiver!
  • Zuiver je?

Etymologie

via Middelnederlands suver dat teruggaat op Latijn sobrius "nuchter, niet dronken", in de betekenis van ‘puur, helder’ aangetroffen vanaf 1236

Vertalingen

Duitsrein, sauber
Engelspure
Spaanspuro, inmaculado, limpio