zusje
Wat is de betekenis van zusje?
zusje betekent: verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord zus
Betekenis
- verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord zus
Voorbeelden van "zusje" in een zin
- Ze reageerde altijd verontwaardigd ‘Waarom ik altijd? Mijn zusje kan ook ontsporen hoor!’ Maar zolang alles goed en gezond bleef aan beide kanten van de oceaan kon ik met een gerust hart doorlopen.
- Dertig jaar eerder moeten mijn ouders ook zo achterom hebben gekeken, naar mij en mijn zusje, op een snelweg richting het zuiden, terwijl het buiten langzaam licht werd.
Betekenis en uitleg van zusje
Een zusje is een vrouwelijke broer, iemand die je vaak een speciale band mee hebt. Het woord roept vaak gevoelens op van saamhorigheid, liefde en soms ook rivaliteit in de kindertijd.
Je gebruikt het woord 'zusje' meestal in informele of familiale contexten, zoals wanneer je praat over je eigen zusters of over de zusters van anderen. Het kan ook een schattige of beschermende bijklank hebben, vooral als het gaat om jongere zussen. In sommige situaties kan het ook een term van genegenheid zijn, waarmee je iemand aanspreekt die je als een zus beschouwt, zelfs als jullie niet verwant zijn.
Voorbeelden
- Mijn zusje en ik hebben samen urenlang in de tuin gespeeld.
- Haar zusje is pas acht jaar oud, maar ze is al zo volwassen voor haar leeftijd.
- Als ik mijn zusje zie lachen, dan maakt dat mijn dag meteen beter.
Woordoorsprong
Het woord 'zusje' is een verkleinwoord van 'zus', dat zijn oorsprong vindt in het Germaanse 'swestar', wat ook verwant is aan andere woorden voor zus in verschillende talen.
Veelgestelde vragen over zusje
Wat is de betekenis van zusje?
zusje betekent: verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord zus
Hoe gebruik je zusje in een zin?
Voorbeeld: “Ze reageerde altijd verontwaardigd ‘Waarom ik altijd? Mijn zusje kan ook ontsporen hoor!’ Maar zolang alles goed en gezond bleef aan beide kanten van de oceaan kon ik met een gerust hart doorlopen.”