Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

zwanenpaar

onzijdig (het)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. 2 zwanen die samen een koppel vormen
    Eén van de vier kuikens van het zwarte zwanenpaar in het Rogmanspark in Almelo is gesneuveld. Dat gebeurde toen medewerkers van de gemeente het jonge grut probeerden te vangen met een net.
    Ongetwijfeld zal het zeer zachte weer van de afgelopen weken ertoe hebben bijgedragen dat dit zwanenpaar op een natuurvijver in Eibergen al midden in de winter baltsend werd gezien.
    Zwanen staan erom bekend dat ze de ultieme liefdeskoppels vormen. Een zwanenpaar in de omgeving van Amsterdam heeft dit vandaag eens te meer bewezen. De vogels stierven allebei een tragische dood, maar bleven waarschijnlijk tot het einde bij elkaar.