Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

zwartkoprietzanger

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) een zangvogel uit de familie van . Het verenkleed van deze 13 cm lange vogel is aan de bovenzijde lichtbruin en aan de onderzijde vaalwit. Boven het oog bevindt zich een lichte streep