zwelgerij

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een overmatig gebruik van eten en drinken
    Na zo’n zwelgerij van drie dagen komt de onvermijdelijke man met de hamer. Ik ben dan nog steeds dronken terwijl ik weer aan het werk moet, onder barre omstandigheden.

Etymologie

* van zwelgen

Vertalingen

Engelsorgy