zwilk
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (n) soort waterdicht tijk, vaak als tafelzeil gebruiktZe legde het zwilk op tafel.
- (m)/(n) de taaie massa van pezen aan varkenspoten
Etymologie
*[1] van : Zwilch (19e eeuw), een dubbeldradig linnen weefsel.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek