zwingel
mannelijk (de)/ˈzwɪŋəl/
Wat is de betekenis van zwingel?
zwingel betekent: (vlasbewerking) brede, houten spaan met aangescherpte snijkant en een handvat, bestemd om de vlas- en hennepvezels te verwijderen van de scheven uit de gedroogde stengels
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (vlasbewerking) brede, houten spaan met aangescherpte snijkant en een handvat, bestemd om de vlas- en hennepvezels te verwijderen van de scheven uit de gedroogde stengels
Voorbeelden van "zwingel" in een zin
- Daarna werd het vlas zorgvuldig binnenste buiten gekeerd en nog eens met de zwingel beslaan totdat alle lemen er uit waren.
Etymologie
*Middelnederlands swinghel ‘draaiwerktuig, wiek’, afleiding van swinghen ‘slingeren, zwaaien; uitwerpen, wegzwiepenʼ (waaruit verouderd zwingen), ontwikkeld uit Oergermaans *sweng(w)an-. Verder zie zwenken. Tweelingwoord: zwengel.
Vertalingen
Engelsscutch, swingle
Fransécang
DuitsFlachsschwinge
Spaansespadilla
Italiaansscotola
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek