Acacia
mannelijk (de)/a'kazija/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) een geslacht van planten uit de onderfamilie van de vlinderbloemenfamilie (Leguminosae/Fabaceae). Alle soorten zijn houtig
- (bloemplanten) boom van de soort Robinia pseudoacacia
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘boomsoort’ voor het eerst aangetroffen in 1554
Vertalingen
Spaansacacia
Poolsakacja
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek