Anemoon

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɑnəmon/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. bloemplanten (bloemplanten) benaming voor planten uit het geslacht
    De anemoon groeit prachtig dit jaar.
  2. een bloem van de anemoonplant
    Er liggen vele anemonen op de grond die van de boom gevallen zijn.

Etymologie

* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘plantengeslacht’ voor het eerst aangetroffen in 1593

Vertalingen

Engelsanemone
Fransanémone
DuitsAnemone
Spaansanémona