Balk
mannelijk (de)/ˈbɑlᵊk/
Wat is de betekenis van Balk?
Balk betekent: (bouwkunde) deel van een constructie met een lengte die veel groter is dan de breedte en de hoogte in doorsnede, gebruikt om een ruimte te overspannen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) deel van een constructie met een lengte die veel groter is dan de breedte en de hoogte in doorsnede, gebruikt om een ruimte te overspannen
- (meetkunde) veelvlak met 6 rechthoekige zijvlakken, 8 hoekpunten en 12 ribben
- (communicatie) lange rechthoek boven- of onderaan een scherm
Voorbeelden van "Balk" in een zin
- Een balk is vaak gemaakt van hout of staal.
- Probeer nog eens een balk te construeren.
- Het balkje met de beursnoteringen dat onder aan het scherm liep nam ze voor lief.
- Het tropische paradijs veranderde in een kerkhof met onzichtbare graven. Boven aan de pagina verschenen vijf balkjes.
Etymologie
*(erfwoord) via Middelnederlands "balc" / "balc" van Oudnederlands "balko", in de betekenis van ‘stuk hout’ aangetroffen vanaf 1064
Uitdrukkingen
- geld over de balk gooien
Vertalingen
Engelsbeam, cuboid, rectangular prism
Franspoutre, cuboïde
DuitsBalken, Träger, Quader
Spaansviga, ortoedro, cuboide
Italiaanscuboide
Russischбалка, прямоугольный параллелепипед
Poolsbelka, prostopadłościan
Zweedsbalk, rätblock
Deensbjælke
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek