Bargoens

onzijdig (het)/bɑrˈɣuns/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. pejoratief (pejoratief) groepstaal die voor buitenstaanders onbegrijpelijk is
    De leden van deze Kamer zouden volgens die critici bestaan uit politieke dwergen, die elkaar in onverstaanbaar bargoens de oren wassen om keutels.

Etymologie

*van Bargoens "dieventaal", geschreven met een kleine letter volgens de uitzondering op spellingregel 16.I: "Een woord dat op een subjectieve manier een taal noemt, schrijven we met een kleine letter."