Erven
meervoud/ˈɛrvə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) de eigendommen van een overledene, meestal een familielid, rechtens verkrijgenZij erfde een prachtig schilderij van haar oma.
- door opvoeding of erfelijkheid verkrijgenHet is natuurlijk een zonde om op kerstavond te applaudisseren, gelukkig dat ik niet de moraal van mijn grootmoeder heb geërfd.
zelfstandig naamwoord
- erfgenamen (meervoud van erve in een sinds de 19e eeuw niet meer gangbare betekenis)
Etymologie
* In de betekenis van ‘door erfenis verkrijgen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1263
Vertalingen
Engelsinherit
Franshériter
Duitserben
Spaansheredar
Poolsdziedziczyć
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek