Erven

meervoud/ˈɛrvə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) de eigendommen van een overledene, meestal een familielid, rechtens verkrijgen
    Zij erfde een prachtig schilderij van haar oma.
  2. door opvoeding of erfelijkheid verkrijgen
    Het is natuurlijk een zonde om op kerstavond te applaudisseren, gelukkig dat ik niet de moraal van mijn grootmoeder heb geërfd.
zelfstandig naamwoord
  1. erfgenamen (meervoud van erve in een sinds de 19e eeuw niet meer gangbare betekenis)

Etymologie

* In de betekenis van ‘door erfenis verkrijgen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1263

Vertalingen

Engelsinherit
Franshériter
Duitserben
Spaansheredar
Poolsdziedziczyć