Heugen
/ˈhøɣə(n)/
Wat is de betekenis van Heugen?
Heugen betekent: (onpr) in de herinnering bijblijven
Betekenis
werkwoord
- (onpr) in de herinnering bijblijven
- (ov) in de herinnering oproepen
- (refl) uit de herinnering oproepen
Voorbeelden van "Heugen" in een zin
- "Het zal je heugen!" sprak hij dreigend.
- "De Zeeusche stroomen heugen … van uw verliefde klagten"
- ik heug me die middag nog goed.
Etymologie
*van Middelnederlands "hogen", op te vatten als afgeleid van "heug" , in de betekenis van ‘herinnerd worden’ aangetroffen vanaf 1330
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek