Hoef
mannelijk (de)/ɦuf/
Wat is de betekenis van Hoef?
Hoef betekent: vergrote, voortdurend doorgroeiende teennagel die de derde teenkootje omgeeft en vaak zeer is versterkt om het gewicht van hoefdieren te dragen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vergrote, voortdurend doorgroeiende teennagel die de derde teenkootje omgeeft en vaak zeer is versterkt om het gewicht van hoefdieren te dragen
Voorbeelden van "Hoef" in een zin
- De afdruk van de hoef van het paard was te zien in het zand.
Etymologie
* In de betekenis van ‘hoornschoen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1287.
Vertalingen
Engelshoof
Franssabot
DuitsHuf
Spaanscasco, pezuña
Italiaanszoccolo
Portugeescasco, pata, pezunho
Russischкопыто
Japans蹄
Koreaans굽
Turkstırnak
Poolskopyto
Zweedshov
Deenshov
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek