Luit
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Wat is de betekenis van Luit?
Luit betekent: (muziekinstrument) een snaarinstrument met een peervormige resonantiekast en een vlak bovenblad, de hals en kop staan meestal haaks op elkaar
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziekinstrument) een snaarinstrument met een peervormige resonantiekast en een vlak bovenblad, de hals en kop staan meestal haaks op elkaar
Voorbeelden van "Luit" in een zin
- De luit is een tokkelinstrument.
- Ze had met succes op haar luit gespeeld en zich verzekerd van een echtgenoot uit de stad, een Amsterdammer wiens familie aan de Herengracht op haar wachtte.
- Zing en dans tezamen en wees blij, maar wees ieder alleen, zoals de snaren van een luit op zichzelf zijn, al doortrilt hen dezelfde muziek.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘snaarinstrument’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1300
Vertalingen
Engelslute
Fransluth
DuitsLaute
Russischлютня
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek