Ossenhoeder

mannelijk (de)/ˈɔsə(n)ˌhudər/

Wat is de betekenis van Ossenhoeder?

Ossenhoeder betekent: (veeteelt) (beroep) (historisch) iemand die op gecastreerde stieren past en ze begeleid wanneer ze iets voorttrekken

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. veeteelt, beroep, historisch (veeteelt) (beroep) (historisch) iemand die op gecastreerde stieren past en ze begeleid wanneer ze iets voorttrekken

Voorbeelden van "Ossenhoeder" in een zin

  • Het is mogelijk een verdeling te maken naar de personen die in de pastorale zangen voorkomen. Zo kunnen we niet alleen bepaalde soorten zangen onderscheiden al naar gelang de erin voorkomende herder een schapen-, geiten- of ossenhoeder is, maar ook naar de werkzaamheden van de erin optredende personen.

Etymologie

*van Middelnederlands "ossenhoeder", op te vatten als