Plevier
mannelijk (de)/pləˈvir/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (steltloperachtigen) benaming voor alle vogels uit de geslacht , vrij gedrongen steltlopers met een korte nek en lange, meestal puntige vleugels
- (steltloperachtigen) benaming voor sommige steltlopers uit de familie buiten het geslacht die daar wel op lijkenIn onderscheid met de kieviten die ook tot dit geslacht behoren, maar meestal afgeronde vleugels hebben.
- (steltloperachtigen) algemene benaming voor vogels uit de familie die 67 soorten middelgrote tot kleine steltlopers omvatOok de kievit wordt tot de plevieren gerekend.
- (steltloperachtigen) benaming voor sommige steltlopers buiten de familie die op vogels uit het geslacht lijken
Etymologie
*uitspraakvariant van pluvier
Vertalingen
Engelsplover
Franspluvier
DuitsRegenpfeifer
Spaanschorlito, chorlito real
Deensbrokfugl
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek