Salamander
mannelijk (de)/ˌsalaˈmɑndər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) benaming voor dieren uit de orde , die met vier poten en een grote staat wel op hagedissen lijken, maar daarvan verschillen door een gladde huid, zonder schubben of harenWij hebben salamanders in onze vijver.Een salamander neemt een duik in het heldere water.
Etymologie
*[1] via Middelnederlands "salamander" van "salamandre" of direct uit Latijn "salamandra" dat teruggaat op "σαλαμάνδρα" (salamándra), cognaat met "سمندر" (samandar); in de betekenis van ‘tweeslachtig dier’ aangetroffen vanaf 1287
Vertalingen
Engelssalamander
Franssalamandre
DuitsSalamander
Spaanssalamandra
Italiaanssalamandra
Portugeessalamandra
Zweedssalamander
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek