Sering
mannelijk/vrouwelijk (de)/səˈrɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) boomsoort met welriekende bloesem, meest paars of wit in de vorm van een kaars
Etymologie
* van Latijn "syringa" "buisje, spuitje", in de betekenis van ‘plantengeslacht uit de familie der olijfachtigen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1608
Vertalingen
Engelslilac
Franslilas
DuitsFlieder
Spaanslila
Italiaanslillà
Portugeeslilás
Russischсирень
Japansライラック
Arabischليلك
Turksleylak
Poolslilak
Zweedssyren, syrenbuske
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek