Steven
mannelijk (de)/ˈsteːvə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (scheepvaart) voor- of achterstuk van een schip; de ~ wenden een andere koers inslaan.
- (scheepvaart) langsscheeps constructiedeel, dat een voortzetting vormt van de kielbalk.
Etymologie
* In de betekenis van ‘uiteinde van een schip’ voor het eerst aangetroffen in 1350
Vertalingen
Spaansroda
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek