Troubadour

mannelijk (de)/ˌtrubaˈdur/

Wat is de betekenis van Troubadour?

Troubadour betekent: (middeleeuwen), (muziek), (dichtkunst), (beroep) een langs kastelen en vorstenhoven in het middeleeuwse Zuid-Frankrijk, rondreizend kunstenaar, musicus, zanger van liederen en voordrager van gedichten, balladen e.d.

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. middeleeuwen, muziek, dichtkunst, beroep (middeleeuwen), (muziek), (dichtkunst), (beroep) een langs kastelen en vorstenhoven in het middeleeuwse Zuid-Frankrijk, rondreizend kunstenaar, musicus, zanger van liederen en voordrager van gedichten, balladen e.d.
  2. muziek, historisch (muziek), (historisch) een langs herbergen, jaarmarkten rondtrekkend artiest, muzikant, zanger van liedjes en komediant

Voorbeelden van "Troubadour" in een zin

  • Nog lang bleef het eigenaardige gezang van de troubadour in haar hoofd naklinken.
  • `Er was een tijd,' zei ze, 'waarin troubadours vrouwen het hof maakten met hun gedichten. Je zou bijna heimwee krijgen naar dat verleden. Want zie mij aan, omstuwd door twee heren die in hun pogingen een vrouw genegen te stemmen niets beters kunnen verzinnen dan indruk op haar te maken met haar eigen woorden.'
  • Ik weet meer over het verleden van de prinses dan welke sterveling ook, en het ware verhaal is minder sprookjesachtig dan de troubadours ons willen doen geloven.
  • Met z'n grappen en vrolijke wijsjes bracht de troubadour het publiek in een uitgelaten stemming.

Betekenis en uitleg van Troubadour

Een troubadour is een muzikant en dichter die vaak in het openbaar optreedt, met als doel zijn gevoelens en verhalen te delen. Deze artiesten combineren poëzie met muziek, waardoor hun boodschappen emotioneel en toegankelijk worden voor het publiek.

Het woord 'troubadour' wordt vaak gebruikt om een kunstenaar te beschrijven die de liefde, het leven en andere thema's bezingt, meestal in een romantische of nostalgische stijl. Troubadours waren vooral populair in de middeleeuwen, maar de term wordt ook hedendaags gebruikt voor singer-songwriters. In gesprekken kan het woord een gevoel van creativiteit en passie oproepen, vaak gekoppeld aan een vrijgevochten levensstijl.

Voorbeelden

  • De troubadour speelde een betoverend nummer over verloren liefde, waardoor het publiek in vervoering raakte.
  • Tijdens het festival vond je overal troubadours die hun liederen ten gehore brachten, elk met een uniek verhaal.
  • Als troubadour reizende door de straten, had hij de gave om de harten van zijn luisteraars te raken met elke melodie.

Woordoorsprong

Het woord 'troubadour' komt van het Occitaans en betekent letterlijk 'de diegene die iets vindt of uitvindt', wat verwijst naar de creatieve aard van de kunstenaar.

Veelgestelde vragen over Troubadour

Wat is de betekenis van Troubadour?

Troubadour betekent: (middeleeuwen), (muziek), (dichtkunst), (beroep) een langs kastelen en vorstenhoven in het middeleeuwse Zuid-Frankrijk, rondreizend kunstenaar, musicus, zanger van liederen en voordrager van gedichten, balladen e.d.

Hoeveel betekenissen heeft Troubadour?

Troubadour heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft Troubadour?

Troubadour is een mannelijk (de).

Wat zijn synoniemen van Troubadour?

Synoniemen van Troubadour zijn: fili, minstreel, rapsode, skald, speelman.

Hoe gebruik je Troubadour in een zin?

Voorbeeld: “Nog lang bleef het eigenaardige gezang van de troubadour in haar hoofd naklinken.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘Provençaalse minnezanger’ in het Nederlands voor het eerst aangetroffen in 1732 . Zie #Frans voor de verdere etymologie.

Vertalingen

Engelstroubadour, minstrel, troubadour
Franstroubadour, troubadour
DuitsTroubadour, Spielmann
Poolstrubadurzy
Zweedstrubadur