Voorzaat
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (familie) persoon waar men van afstamt
Etymologie
* In de betekenis van ‘voorvader’ voor het eerst aangetroffen in 1265
Vertalingen
Engelsforefather
Spaansantepasado
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* In de betekenis van ‘voorvader’ voor het eerst aangetroffen in 1265