aanbieden
/ˈambidə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ditr) iets gratis geven dus zonder geldelijke vergoeding, aanreiken, bieden, offreren, presenterenHij heeft een nieuwe baan aangeboden gekregen.Hij heeft een kadootje aangeboden gekregen.Hij heeft zijn excuses aangeboden.
- (ov) iets tegen bepaalde voorwaarden of prijs verhandelbaar stellenHij heeft zijn huis te koop aangeboden.
- (refl) zich ~ (van zaken): zich vertonen, zich voordoen
- (refl) zich ~ (van personen): zich aanmeldenHij heeft zich als nieuwe directeur bij het grote bedrijf aangeboden.
Vertalingen
Engelsoffer, give
Fransoffrir, proposer, présenter
Duitsanbieten, anbieten, erscheinen
Spaansofrecer, presentar, brindar
Italiaansoffrire
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek