aanbracht
ˈambraxt
Wat is de betekenis van aanbracht?
aanbracht betekent: enkelvoud verleden tijd van aanbrengen
Betekenis
werkwoord
- enkelvoud verleden tijd van aanbrengen
Voorbeelden van "aanbracht" in een zin
- ... dat ik aanbracht.
- ... dat jij aanbracht.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek