aanbrak

ˈambrɑk

Wat is de betekenis van aanbrak?

aanbrak betekent: enkelvoud verleden tijd van aanbreken

Betekenis

werkwoord
  1. woorden met boekreferenties enkelvoud verleden tijd van aanbreken

Voorbeelden van "aanbrak" in een zin

  • ... dat ik aanbrak.
  • ... dat jij aanbrak.