woorden
boek
Start
›
A
›
aanbrengster
aanbrengster
vrouwelijk (de)
/ˈambrɛŋstər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een vrouwelijke aanbrenger
Etymologie
* van aanbrengen
Verwante woorden
aanbad
aanbaden
aanbak
aanbakken
aanbaksel
aanbaksels
aanbakt
aanbakte
aanbeden
aanbedene
aanbedenen
aanbeeld
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← aanbrengsten
aanbrengt →