Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
aaneenhechting
vrouwelijk (de)/anΛenhΙxtiΕ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het aan elkaar vasthechtenNa de aaneenhechting van de resterende schaamlippen blijft een zeer kleine opening over voor menstruatiebloed en urine.
- het aan elkaar vastgehecht zijnDe aaneenhechting is zeer goed waar te nemen.
Etymologie
* van aaneenhechten .
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek