aankaarten

/ˈaɲkartə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) door een bepaalde kaart uit te spelen een medespeler een aanwijzing geven
  2. ov (ov) tot onderwerp van discussie maken
    Hij besloot dit lastige probleem op de vergadering aan te kaarten en zette zich schrap voor de stortvloed van kritiek die dat losmaakte.

Vertalingen

Duitsanspielen, anspielen, ansprechen
Spaansplantear