aanlijnplicht
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het gebod om honden bij het uitlaten vast te houden aan een hondenriem; verbod om honden los te laten lopenJochie heeft nog nooit in haar leven gegraven. Waar ze eerst woonden waren geen plekken om te graven, alleen boomspiegels en trottoirs en omheinde speeltuinen. Kiezelpaden en bloemperken. Aanlijnplicht en plastic zakjes om de drolletjes op te rapen die langs de kant van de weg werden gedeponeerd.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek