aanrechtkastje
onzijdig (het)/ˈanrɛx(t)ˌkɑʃə/
Wat is de betekenis van aanrechtkastje?
aanrechtkastje betekent: (bouwkunde) een klein kastje in een keukenaanrecht
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bouwkunde) een klein kastje in een keukenaanrecht
Voorbeelden van "aanrechtkastje" in een zin
- De schoonmaakmiddelen liggen in het aanrechtkastje.
- 'Wat heb ik verdomme fout gedaan?' Met een fiks gekletter belandden twee kopjes op de schoteltjes; het aanrechtkastje viel met een klap dicht.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek