aanspoor
ˈanspor
Wat is de betekenis van aanspoor?
aanspoor betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aansporen
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aansporen
Voorbeelden van "aanspoor" in een zin
- ... dat ik aanspoor.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek