woorden
boek
Start
›
A
›
aanspreking
aanspreking
vrouwelijk (de)
/ˈansprekɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het aanspreken
titel waarmee men iemand aanspreekt
Monseigneur is de aanspreking van een kardinaal.
Etymologie
* van aanspreken
Synoniemen
aanspreektitel
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← aansprekers
aansprekingen →