aanvalskoppel
onzijdig (het)/ˈaɱvɑlsˌkɔpəl/
Wat is de betekenis van aanvalskoppel?
aanvalskoppel betekent: (sport) (militair) groep van twee samenwerkende aanvallers
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (sport) (militair) groep van twee samenwerkende aanvallers
Voorbeelden van "aanvalskoppel" in een zin
- Gomis, die transfervrij overstapt, gaat voorin een aanvalskoppel vormen met de Ivoriaan Wilfried Bony. De aanvaller speelde twaalf interlands voor 'Les Bleus', maar maakt geen deel uit van de huidige WK-selectie van coach Didier Deschamps.
- Bondscoach Herrera kiest steeds voor het aanvalskoppel Oribe Peralta en Giovani Dos Santos. Heel lang stond Hernández droog in de nationale ploeg. Als invaller maakte hij maandag tegen Kroatië (3-1) voor het eerst in een jaar tijd weer eens een doelpunt voor 'El Tri'.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek