aarzel
Wat is de betekenis van aarzel?
aarzel betekent: eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aarzelen
Betekenis
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aarzelen
- gebiedende wijs van aarzelen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aarzelen
Voorbeelden van "aarzel" in een zin
- Ik aarzel.
- Aarzel!
- Aarzel je?
- Wilt u uw verhaal kwijt, aarzel dan niet.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek