accumuleren
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) opstapelen, verzamelen, opeenhopen, ophopen.In deze periode accumuleerde de economie veel meer kapitaal dan daarvoor.
- (erga) zich ophopenDaar accumuleerde weer meer sneeuw en ijs in, waardoor het proces versterkt werd.
Etymologie
*Van het Engelse accumulate of het Franse accumuler, van het Latijnse 'accumulare' [https://fr.wiktionary.org/wiki/accumuler Wiktionnaire]
Vertalingen
Engelsaccumulate, heap, pile up
Fransaccumuler
Spaansacopiar, acumular
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek