Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

achterkajuit

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈɑxtərkaˌjœyt/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. scheepvaart (scheepvaart) verblijfsruimte voor opvarenden in het achterste deel vam een pleziervaartuig
    Alleen de stuurhut bevindt zich op een ander niveau dan de andere ruimten, zodat eenmaal afgedaald er zonder niveauverschillen van de voor- naar de achterkajuit kan worden gelopen.
    Er is keuze uit twee verschillende versies, een met een enkele achterkajuit en een met twee symmetrische achterkajuiten.
  2. scheepvaart (scheepvaart) verblijfsruimte voor passagiers in het achterste deel van een passagiersschip
    {{ouds
  3. scheepvaart, historisch (scheepvaart) (historisch) achterste gedeelte van de verblijfsruimte van de kapitein en soms ook andere leidinggevenden op een schip
    Fluiten die meevoeren in de retourvloot moesten een grote achterkajuit hebben, om alle officieren te kunnen herbergen.