afdrogen
/ˈɑvdroɣə(n)/
Wat is de betekenis van afdrogen?
afdrogen betekent: (ov) het vocht wegnemen van iets of iemand
Betekenis
werkwoord
- (ov) het vocht wegnemen van iets of iemand
- (ov) (figuurlijk) op verpletterende wijze verslaan
- (ov) (figuurlijk) (informeel) afranselen
Voorbeelden van "afdrogen" in een zin
- Voor straf moest hij de vaat afdrogen.
- Na het zwemmen moet je je goed afdrogen.
- Haar huid was nog niet op de normale lichaamstemperatuur en bij het afdrogen had ze vast hier en daar een stukje overgeslagen.
- Zij werden helemaal afgedroogd door het andere team.
- Hij droogde de vervelende jongen helemaal af.
Vertalingen
Engelsdry off
Fransessuyer, sécher
Duitsabtrocknen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek