afgrijzen
onzijdig (het)/xxxx/
Wat is de betekenis van afgrijzen?
afgrijzen betekent: een gevoel van ontzetting en afkeer
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een gevoel van ontzetting en afkeer
Voorbeelden van "afgrijzen" in een zin
- Ik keek met afgrijzen naar het gebeurde ongeval.
- Zijn gezicht was een masker van afgrijzen.
- ' 'Waren er nog meer puppy's?' zegt Lot tegen Vincenzo, die haar vraag weer vertaalt voor de boer. Nadat de boer heeft geantwoord en Joy vol afgrijzen kijkt, zegt Vincenzo: 'Laten we maar zeggen dat ze er niet meer zijn.
Etymologie
*Afgeleid van het verouderde werkwoord afgrijzen (verg. griezelen)
Vertalingen
Engelshorror, dread
Spaanshorror
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek