afhaakt
Wat is de betekenis van afhaakt?
afhaakt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken
Betekenis
werkwoord
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken
- derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken
Voorbeelden van "afhaakt" in een zin
- ... dat jij afhaakt.
- ... dat hij afhaakt.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek