afhaakt

Wat is de betekenis van afhaakt?

afhaakt betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van afhaken

Voorbeelden van "afhaakt" in een zin

  • ... dat jij afhaakt.
  • ... dat hij afhaakt.