afhangen

Betekenis

werkwoord
  1. onpr (onpr) ~ van: naargelang iets verandert mee veranderen
  2. bepaald worden door
    Het hangt van het weer af of deze wedstrijd doorgang kan vinden.
  3. ov (ov) deur of raam aan scharnieren ophangen
    De timmerman hangt het raam af aan de kozijnstijl.

Vertalingen

Engelsdepend, hang down
Fransdépendre
Duitsabhängen, abhängig sein
Spaansdepender
Italiaansdipendere