afleiding

vrouwelijk (de)/ˈɑflɛidɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een gebeurtenis of activiteit die de gedachten op iets anders richt
    Gezien de status-quo van de laatste dagen zouden de moffen hen, zelfs als ze hen zagen, laten kijken en terug laten gaan, meer dan wat afleiding was het niet. {{Aut|Lemaitre, Pierre
    Overdag probeer ik er niet aan te denken. Zoek ik afleiding. Dan luister ik naar de radio of kijk wat televisie.
  2. taalkunde (taalkunde) een woord dat middels toevoeging van een voor-, in- of achtervoegsel gevormd wordt uit een ander
    Dertiger jaren schreef ik, met dertiger als een bijvoeglijk naamwoord, een afleiding op -er van een telwoord, die vaak werd gezien als een voorbeeld van zo'n germanisme, ontleend aan het Duits dreiziger (een zelfstandig naamwoord als tachtiger zou wel correct Nederlands zijn).
  3. wiskunde (wiskunde) een serie logisch uit elkaar volgende uitdrukkingen die laten zien hoe een bepaalde formule volgt uit definities en axioma's
    Als de afleiding correct is, is de afleiding een bewijs.

Etymologie

* van afleiden

Vertalingen

Engelsdistraction, derivative, derivation
Fransdistraction, dérivé
DuitsAblenkung, Ableitung
Spaansdistracción, derivado
Italiaansdistrazione
Poolspochodna