afmaker
mannelijk (de)/ˈɑfmakər/
Wat is de betekenis van afmaker?
afmaker betekent: iemand die een actie succesvol voltooit
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die een actie succesvol voltooit
- in een komisch duo degene die de pointe plaats
- iemand die een ander persoon of dier afmaakt, een moordenaar, een doder
Voorbeelden van "afmaker" in een zin
- Opening met dynamiet. Een nachtmerriescenario voor Feyenoord, na tien minuten zakt spits en eredivisietopscorer Nicolai Jørgensen naar de grond: achillespeesblessure. Ook dat nog. Exit Jørgensen, zo evident als afmaker en aanspeelpunt. Michiel Kramer vervangt hem. Feyenoord is onherkenbaar, is bang om te voetballen, met de terugspeelballen op doelman Brad Jones als weerspiegeling van de angst.NRC Steven Verseput 2 april 2017
- In het duo Rijk de Gooyer en Johnny Kraaijkamp was Johnny Kraaijkamp de afmaker.
- Het gevaar kwam van Sander en Dorien, wist ze uit ervaring. Aangever en afmaker. Duo Doortrapt.
Etymologie
* van afmaken
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek