afmeting
vrouwelijk (de)/'ɑfmetɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de ruimte die iets in beslag neemt (lengte, oppervlak, inhoud etc.)De afmeting van de bank is te groot voor onze woonkamer.Aannemend dat het hier de Turkse variant van ‘binnen’ betrof, opende hij de deur. Het kantoor had de afmetingen van een kippenhok.
Etymologie
* van afmeten
Vertalingen
Spaanstamaño, dimensión
Poolswymiar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek